
Waarom de F1-rondetijden in Mexico in 2026 zo dicht bij die van 2025 lagen
Archiefbeeld: Charles Leclerc · 2026-05-13Archiefbeeld · 2026-05-13 · Gabriel Hutchinson · CC BY-SA 4.0
Charles Leclerc was in VT1 in Mexico sneller dan zijn benchmark uit 2025; zijn VT2-tijd bleef dicht bij die van Max Verstappen uit 2025. Pirelli-hoofdingenieur Simone Berra schreef een deel van het kleine verschil toe aan de baanconditie en zei dat de hoogte gunstig was voor de nieuwe auto’s. In warmere sessies liep de kloof later weer op.
In Mexico-Stad lagen de rondetijden tijdens de Grand Prix van 2026 opvallend dicht bij die van 2025, hoewel de auto’s van 2026 over het algemeen langzamer waren per ronde. Charles Leclerc noteerde vrijdag in VT1 een 1:18,128, 0,252 seconde sneller dan zijn tijd in VT1 in 2025 (1:18,380). In VT2 van 2026 reed hij 1:17,827, 0,435 seconde langzamer dan Max Verstappens tijd in VT2 in 2025 (1:17,392). Pirelli-hoofdingenieur Simone Berra schreef een deel van het kleine verschil toe aan de betere staat van de baan en zei dat de hoogte gunstig was voor de auto’s van 2026.
Die kleine kloof hield niet in elke sessie stand. In VT3 en de kwalificatie liep het verschil op, doordat de meeste coureurs bij hogere omgevingstemperaturen moeite hadden met de Pirelli C5-softband. De pole-tijd van Lewis Hamilton in 2026 was 1:16,514, 0,928 seconde langzamer dan de pole-tijd van Lando Norris in 2025 (1:15,586). In België lag het verschil nog groter: Kimi Antonelli’s pole in 2026 was bijna vier seconden achter die van Norris in 2025.
De hoogte was maar een deel van de verklaring. De ijlere lucht had een aanzienlijke invloed op de snelheid op rechte stukken, maar de beperkte hoeveelheid elektrische lading stelde een harde grens aan de topsnelheid op het lange rechte stuk. Berra zei dat de hoogte gunstiger uitpakte voor de auto’s van 2026 dan voor die van 2025: oudere auto’s verloren daar meer downforce, terwijl de motor volgens hem meer kon leveren dan op zeeniveau.
Ook de baan zelf speelde mee. Een deel van het circuit tussen bocht 10 en bocht 1 was opnieuw geasfalteerd; de supportklassen — Masters Historic, GTM Super Copa en Formule 4 NACAM — reden vóór VT1 en tussen de twee F1-trainingen op vrijdag. Die sessies hielpen het circuit, dat aan het begin van een Grand Prix-weekend doorgaans nog weinig is ingereden, verder in te rijden. Berra zei dat het circuit in 2026 beter was dan in 2025.
De reglementen voor 2026 waren niet bedoeld om de auto’s sneller te maken dan die van 2025; rondetijden dalen doorgaans naarmate de ontwikkeling doorgaat.















